|
Interview met Frans van Hilten
Door Ajolt Elsakkers
Op maandag 5 april 2004 rond twee uur ’s middags ontmoette ik Frans van Hilten,
alias Grande-Duchesse, in cafe/restaurant Burgerzaken in Leiden voor een gesprek.
De eerste cd van Grande-Duchesse, Old love in a strong heart, vormde de belangrijkste
aanleiding voor het interview. De cd valt meteen op door de pakkende foto
op de voorkant: een doorgeklapte paraplu. Dit heeft overigens geen speciale
betekenis. “Ik vond het gewoon een gave foto,” zegt Frans, “lekker pontificaal,
absurdistisch. Toen ik dat ding jaren geleden zag, stond het daar gewoon als
een logo!”
Solo-project
Het solo-project van Frans is ontstaan uit een combinatie van een al veel
langer bestaand plan om iets te doen met de groeiende stapel eigen werk
en de ervaring dat samenwerking met andere muzikanten ook op problemen kan
stuiten. “Het een is niet doorslaggevender geweest dan het andere, het lag
eigenlijk in elkaars verlengde. Je richt een band op en je hebt een bepaald
idee waarom je die band aan het oprichten bent en vervolgens gaan andere
mensen, die jij bij die band gehaald hebt, hele andere dingen met die band
doen. Het gaat om de insteek: is het democratisch of niet? Je wordt ook
tot democratie gedwongen: je kan niet een goede gitarist zeggen dat hij
of zij in die band maar altijd doet wat jij zegt. Zo krijgen andere mensen
de gelegenheid er met jouw band vandoor te gaan, en is het mogelijk dat
je je niet meer thuis voelt in je eigen formatie. Bij Grande-Duchesse is
het mijn eigen verantwoordelijkheid om er aan te werken, met als stok achter
de deur dat gastmuzikanten naar mij luisteren.”
Gastmuzikanten
Hoewel Grande-Duchesse dus een solo-project is, zijn er wel gastmuzikanten.
Frans speelde eerder al met bassist/songwriter Xavier Baudet en nu regelmatig
met gitarist/songwriter Marcel Conte. Het muzikale talent van Marcel
voegt veel toe aan de muziek. Ik vroeg Frans of hij er niet bang voor is
dat er dan alsnog troebel vaarwater ontstaat; Marcel heeft immers ook eigen
ideeen. “Op dit moment gaat het heel goed. Hij realiseert zich dat het mijn
project is, en van daaruit komt hij met dingen. Hij staat er ook voor open
als ik zeg ‘doe dat maar niet.’ Maar als dat verandert, scheiden onze wegen.
Met
Grande-Duchesse kan van alles gebeuren, het kan zelfs een band worden,
als altijd maar duidelijk blijft dat het mijn band is. Daar ben ik heel
onverbiddelijk in. Ik wil best altijd in bands blijven spelen, maar dit
blijft mijn eiland en thuishaven, waar ik altijd mijn eigen ding kan doen.”
Deze
stelling wordt onderstreept door het motto van Frans in zijn biografie:
Less is more. “Marcel voegt iets belangrijks toe aan mijn muziek, iets waar
ik heel blij mee ben. Ook is het op een optreden veel moeilijker om in je
eentje de spanningsboog vast te houden; zijn bijdrage luistert het optreden
flink op. Maar de liedjes zijn zo geschreven dat ze draaien om een instrument.
Je zou de franjes ook kunnen weglaten: het is het idee dat iedere song door
een persoon met een instrument de essentie behoudt, of dat juist de essentie
daar in ligt.”
Old Love
Ik vroeg hem hoe de titel van de cd, Old Love in a Strong Heart, tot stand
was gekomen. “De cd is een afrekening met vroegere ellende,” verklaarde
Frans, “alle oude gefrustreerde liefdesliedjes gebundeld. In mijn wat oudere
werk was ‘moeizame liefde’ een dominant thema, liefde die altijd aanwezig
was in het hart. Vandaar ‘strong heart’, al zou je dat niet altijd willen.”
Toen ik hem vroeg of een ‘sterk hart’ dan betekende dat het hart goed bewaart,
antwoordde hij dat je dat zo zou kunnen interpreteren, maar dat een echt
sterk hart natuurlijk niet bewaart, maar ervaringen als leermomenten gebruikt.
We gingen wat dieper in op de nummers die op de cd staan. Zeer opvallend
is het openingsnummer, Boy no more. Alleen in de titel wordt boy in het Russisch
geschreven. “Dat betekent ‘strijd’. Het heeft dus een dubbele betekenis: ik
ben geen jongen meer, er is minder strijd, minder ‘childish visionary dreams’.”
Toen ik hem vroeg of dat ook betekende dat hij nu minder idealen heeft antwoordde
hij dat de dromen destijds vooral over vrouwen gingen, wat niet echt visionair
te noemen is. “Ik was een tiener en alles wat daarna komt.” Als je de nummers
van de cd in volgorde van levensloop zou moeten plaatsen, zou An end to crushes
eigenlijk voor Boy no more moeten staan, omdat Boy no more de bedoeling van
de cd samenvat, en er eigenlijk een punt achter zet. “Toch zou ik de nummers
weer in deze volgorde op de cd zetten, ook omdat Boy no more muzikaal de sterkste
opener is.”
De luisteraar van de cd dient niet in verwarring te worden gebracht door
het dubbele gebruik van het woord crush. In een mooie woordspeling betekent
dit woord in Crushing insects ‘verbrijzelen’ en in An end to crushes ‘verliefdheden’.
Beide nummers gaan wel over hopeloze liefdes. Ik vroeg Frans of ‘wederzijds
onbegrip in de liefde’ het belangrijkste terugkerende thema is. “Ik vraag
dat me af. Veel nummers gaan over vrouwen met wie ik helemaal geen relatie
heb gehad, die het nooit zover hebben laten komen! Het gaat dan niet zozeer
over onbegrip, als wel over afstand. De frustratie over een muur die iemand
opwerpt. Die muur sluit de mogelijkheid uit om naar die persoon zelf te communiceren,
dus communiceer je maar naar de muziek.”
Een zin op de cd die mij sterk was opgevallen, is “The more homeless I feel,
the more I feel at home.” Het blijkt dat deze zin meer theatraal dan autobiografisch
bedoeld is. Toen hij drie maanden in het buitenland zat merkte hij dat toch
wel aan het thuishonk en zijn mensen verknocht was.
“Maar soms komt zo’n gevoel wel eens in je op. Ik denk dat het goed is
niet altijd te weten waar je naar toe gaat en dat je het op die manier ook
uit kan leggen.”
Op de vraag wat zijn eigen favoriet was, antwoordde hij dat dat sterk afhangt
van plaats en moment. “Als cafe Burgerzaken nu zegt: ‘speel er eens een’,
dan zou ik Rainy days spelen, omdat het een goed cafenummer is. Nummers
die ik bijna altijd gaaf vind om te spelen zijn Boy no more, Citadel, Crushing
Insects en Let me not want you.” Dit blijken ook nummers te zijn die het
publiek vaak aangeeft speciaal te waarderen. Wat het publiek ook vaak terug
geeft als zeer positief is het nummer Max Martin, vaak de afsluiter. Het
is het enige nummer dat Frans ook tijdens het optreden nader toelicht: het
is een parodie op maar tegelijkertijd ook een ode aan procucers die alle
hitlijsten volschrijven. “Misschien dat de mensen juist door de uitleg ook
meer alert zijn op de tekst.”
Zware shit
De muziek is van Grande-Duchesse is naar eigen zeggen wellicht uniek, maar
toch in ieder geval hoogst ongebruikelijk. “Ik gebruik een klassiek idioom
in een popomgeving. Meestal zijn singer/songwriters gitaarpingelaars
die hun hart luchten op slaapverwekkende accoorden. Piano is minder gebruikelijk.
Ik heb ook het idee dat ik wat meer experimenteer.”
Om te blijven groeien
als singer/songwriter is Frans weer opnieuw begonnen met pianoles als
gevorderde leerling. Zo kan hij technisch, maar ook muziek-theoretisch
bij blijven leren. “Als je meer begrijpt hoe muziek in elkaar zit, vertaalt
zich dat ook compositorisch.”
Ook tekstueel blijft Frans andere dingen
proberen. Na de release van Old love gunde Frans het zichzelf om wat luchthartiger
nummers te schrijven “met een knipoog en een dikke vinger. Ik had even
helemaal geen zin meer in zware shit!” Ook nu blijft het creatieve proces
doorgaan. Een nummer over de zeeen van bloed en ellende die je elke dag
op de televisie ziet, vanuit je veilige balkonnetje (“ergens hypocriet
natuurlijk, maar ik val iedereen aan die er niets mee doet, dus ook mezelf”),
een nummer over dertig worden en een nummer over alles dat je meemaakt
en wil onthouden om uiteindelijk aan je geliefde te kunnen vertellen, maar
dat als je elkaar eindelijk vindt, je alleen nog maar aan het praten bent
en niet meer luistert (Share it) zijn een kleine greep uit het nieuwe materiaal.
Schrijfperiodes
Wat komt er eerst, de tekst of de muziek? “Beide tegelijk. Nou, in het
begin komt het samen. Een fragmentje in muziek of tekst. Heel af en toe
kan ik nog wel eens iets terugvinden later in een bestaand nummer, haha.
Godzijdank wel onherkenbaar, en geen plagiaat, maar hooguit inspiratie.
Als ik op de fiets zit of aan het wandelen ben komen er wel eens flarden.
Hierna komt het maken van structuur. Dan wordt het knutselen en samenvoegen.”
De
inspiratie voor nieuwe muziek wisselt sterk. Nu weer iets klassieker (door
de pianoles), maar een tijdje geleden meer honkytonk. Er zijn ook jazzy
periodes geweest. “Ik heb ook een keer een maand lang alleen maar Doors
gedraaid. Dan worden mijn liedjes ook meteen dreigender, mysterieuzer.”
Voor de nieuwe nummers kenmerkt zich vooral een grote verscheidenheid aan
inspiratie.
Engels
Het viel mij op dat alle nummers van Grande-Duchesse in het Engels zijn.
Frans vertelt dat hij het moeilijk vindt om een nummer in het Nederlands
te schrijven. “Eigenlijk gek, want ik schrijf mijn gedichten altijd in
het Nederlands.” We opperen dat Engels misschien een mooiere taal is voor
one-liners, en een song toch vaak begint met een enkel zinnetje.
Nederlands
klinkt ook snel gekunsteld. Frans zegt: “Veel van die Nederlandstalige
liedjes hebben quasi diepzinnige teksten maar gaan eigenlijk helemaal nergens
over.” Ik kon het niet nalaten om te zeggen dat Engels dus verhult dat het
eigenlijk nergens over gaat. “De songs die ik in het Engels of het Nederlands
heb geschreven gaan wel degelijk ergens over,” zegt Frans verontwaardigd,
“ik zeg ook niet dat het niet in het Nederlands kan. De Dijk en Doe Maar
is het ook gelukt. Ik denk omdat die juist stompzinnig Nederlands praten.
Niet de ‘zilten zee’ maar ‘godverdomme’.”
Ambiance
De muziek van Grande-Duchesse is het beste geschikt voor zalen met stijl
en ambiance. Frans heeft liever een kerkraam achter zich en een balkon voor
zich dan een zaal met het uiterlijk van een hal. De muziek is heel intiem
en direct en een afstand gecreeerd door een hal doet daar aan af. Een theatershow
is dus ook best een optie. En Paradiso, klim in de telefoon! “Een hal is
ook best leuk, maar dan moet je gewoon lekker rock ’n roll spelen!”
Op de vraag of hij nerveus is voor een optreden, antwoordde Frans dat nervositeit
altijd pas komt tussen een half uur en tien minuten voor een optreden.
“Helaas blijft dat tijdens een optreden ook even zo. Dat komt ook wel doordat
ik in mijn eentje ben. Als ik iets verpruts of het idee heb dat ik iets
verpruts heb ik ook het idee dat ik het helemaal in mijn eentje moet goedmaken.
Nu moet ik de gunst van het publiek terugwinnen, daar wordt het ook griezeliger
van. Dit spreekt ook voor het gebruik van gastmuzikanten!”
Cd of live?
Hoe belangrijk is de cd nou ten opzichte van het optreden? “Eigenlijk zijn
de optredens essentieel, en is de cd hoewel belangrijk maar een hulpmiddel.
De cd faciliteert de optredens. Op optredens komt de muziek echt tot
leven. Als het publiek er bij is met zijn hoofd, wordt het steeds intenser.
Een typisch voorbeeld hierbij is een optreden waarbij in de eerste helft
de meer lichtvoetige nummers zaten en in de tweede helft de zware jongens.
Frans verwachtte dat de eerste helft gaaf zou worden en het maar de vraag
was of het publiek er bij kon blijven in de tweede helft. Uiteindelijk
ging de eerste helft wel aardig, maar hing het publiek in de tweede helft
echt aan zijn lippen. “Toen dacht ik ook, mijn god, sta ik hier een beetje
het diepst van mijn ziel uit te kotsen tegenover mensen die ik niet ken
en die mij niet kennen. Was opeens heel eng. Ik ga er wel beter van spelen.”
Aangrijpend
Als Frans zijn muziek in een enkel woord zou moeten samenvatten, zou het
iets zijn als ‘echt’, ‘doorleefd’, ‘emotioneel’. Misschien dat hij daardoor
wel als hij de kans zou krijgen fulltime Grande-Duchesse zou kunnen zijn.
Gezien de hoge kwaliteit van de nummers en de nauwe verbondenheid tussen
de nummers en de persoon achter de nummers zou de wereld nog wel eens
een hele hoop meer kunnen gaan horen van Grande-Duchesse. Als ik zelf een
woord zou moeten verzinnen om zijn muziek samen te vatten, zou het ‘aangrijpend’
zijn. Aangrijpend in de zin dat je er door wordt geraakt, maar ook in
de zin dat het je beetpakt, vasthoudt. En misschien is dat wel de functie
van muziek.
Uit het prettige vraaggesprek met Frans van Hilten is bij mij een uitspraak
het meest blijven hangen. Ik vroeg aan hem hoe wil dat zijn publiek zich
voelt na een optreden. “Het hangt er een beetje van af. Soms wil ik dat ze
zich beklemd voelen. Soms blij dat ik dit moment met ze heb willen delen.
Maar vooral het idee dat iedereen in het publiek het gevoel heeft dat het
uitsluitend voor hem of haar bestemd was.”
back to top 
|
|